Een nieuwe Lowtones serie. Eigenlijk de eerste, wat een weblog toch, hmm hmm. Maar deze keer doen we het anders. Vanaf vandaag, wekelijks, een clash. Bands van nu tegen bands van vroeger. Vergelijken in brede zin of rechtstreeks duellerend. De eerste:
Noise is de jazz van deze generatie. Can liet jazz doorsijpelen in hun bevreemdende rockmuziek. Black Dice geeft ruim baan aan indrukwekkende noisesculpturen. Door velen onbegrepen maar in de toekomst opererend. Dan kun je ook niet meteen begrepen worden, het begrip komt vaak pas achteraf. Het is geen verwijt aan niet-Black Dice-liefhebbers, smaken verschillen nu eenmaal, maar een constatering die ook van toepassing is op Can nu. De invloed die Can heeft terwijl ze zich helemaal losrukten van bestaande muziekwetten, die invloed heeft Black Dice misschien over dertig jaar ook wel. De band is nog zoekende, Beaches & Canyons was een bescheiden meesterwerkje. Op het dit jaar verschenen Creature Comforts komen ze misschien nog wel het dichtst bij Can in de buurt maar Black Dice is zich duidelijk nog aan het ontwikkelen. Vast staat dat ze zich niks aantrekken van trends, regels of muziekwetten en dat is op de lange duur misschien wel wat ervoor zorgt dat je niet wordt opgeslokt door de golvende hypebeweging.
BLACK DICE VS. CAN
Kun je ze vergelijken? Misschien niet als je puur en alleen op de muziek afgaat. Let wel; Can deed hun ding in de jaren zeventig. Black Dice is een fenomeen van de twintigste eeuw. Luister je nu naar Can dan hoor je typische rock ´n´ roll instrumenten als gitaren, bas en drums. Het verschil zat hem in de ongewone ritmes en structuren van de nummers. In de zeventiger jaren, ik heb er maar twee jaar van meegemaakt, (wie ben jij dan om er over te oordelen zeg je? Ach trek het je niet aan, ik filosofeer maar wat.) liet Can zich niet leiden door de conventionele rock ´n´ roll wetten. Geheel buiten de regels van de moderne popcultuur om creëerden ze een nieuw soort muziek. Eigen regels, een eigen geluid. Een geluid dat in die tijd soms moeilijk begrepen werd. Door avantgarde liefhebbers en critici.
Black Dice doet nu hetzelfde. Wars van trends en regels produceren ze een vaak supersonisch palet aan ongewone structuren en ritmes. Can zocht hun tegendraadse heil in jazz-achtige composities die door reguliere instrumenten werden vormgegeven. Black Dice gebruikt de jazz van de eenentwintigste eeuw: noise. Door velen niet begrepen en simpelweg takkeherrie. Dat begrijp ik best en ik heb ook moeite met het uitzitten van een Merzbow-rit. Liefst verorber ik Merzbow in kleine brokjes verspreidt over meerdere dagen. Je moet je niet laten afleiden door gebruikelijke ijkpunten in ´normale´ muziek. Laat je niet storen door een gebrek aan melodie of duidelijk ritme. Principes moet je op zijn tijd laten varen, daar ligt immers het avontuur. Bij Merzbow draait het om intensiteit en hypnose. Eenmaal gewend aan de enorm gelaagde bak lawaai ontdek je herkenningspunten en structuur. Het is een belonende inspanning, op den duur.
Ik herinner me de eerste keer dat ik Fennesz hoorde. Na het lezen van de recensie van Endless Summer in de OOR (ik dacht door Koen Poolman) waarin hij de plaat beschreef als hét ultieme zomeralbum, stuitte ik erop in de (uitverkoop!) bak van Sounds in Venlo. Tien euro! Niet te geloven. Ik kan me voorstellen dat degene die het album in die bak gooide niet wist wat hij deed. Inmiddels ligt Endless Summer weer gewoon voor negentien euro in een eigen Fennesz hokje. Zoals het hoort. Tien euro was ik dus kwijt en ik stopte het ding in de cd-speler van mijn auto. What the hell! Ruis, kraak, meer ruis en nog wat kraak. Jezus, ik voelde me belazerd en wist niet goed wat ik met het schijfje aan moest. Toch had ik er wel eens over gelezen, over Fennesz. Maar dit had ik niet verwacht. Volhouder die ik ben draaide ik het album nog eens een paar keer, het verdween in mijn cd-rek en na een tijdje kwam ik er weer bij terug. Zoals het gaat bij alle goede albums die je niet meteen kunt vatten; je komt er vanzelf bij terug. Punt is dat je niet altijd af kunt gaan op een eerste oordeel, doe je dat wel dan mis je een hoop.
Black Dice doet nu hetzelfde. Wars van trends en regels produceren ze een vaak supersonisch palet aan ongewone structuren en ritmes. Can zocht hun tegendraadse heil in jazz-achtige composities die door reguliere instrumenten werden vormgegeven. Black Dice gebruikt de jazz van de eenentwintigste eeuw: noise. Door velen niet begrepen en simpelweg takkeherrie. Dat begrijp ik best en ik heb ook moeite met het uitzitten van een Merzbow-rit. Liefst verorber ik Merzbow in kleine brokjes verspreidt over meerdere dagen. Je moet je niet laten afleiden door gebruikelijke ijkpunten in ´normale´ muziek. Laat je niet storen door een gebrek aan melodie of duidelijk ritme. Principes moet je op zijn tijd laten varen, daar ligt immers het avontuur. Bij Merzbow draait het om intensiteit en hypnose. Eenmaal gewend aan de enorm gelaagde bak lawaai ontdek je herkenningspunten en structuur. Het is een belonende inspanning, op den duur.
Ik herinner me de eerste keer dat ik Fennesz hoorde. Na het lezen van de recensie van Endless Summer in de OOR (ik dacht door Koen Poolman) waarin hij de plaat beschreef als hét ultieme zomeralbum, stuitte ik erop in de (uitverkoop!) bak van Sounds in Venlo. Tien euro! Niet te geloven. Ik kan me voorstellen dat degene die het album in die bak gooide niet wist wat hij deed. Inmiddels ligt Endless Summer weer gewoon voor negentien euro in een eigen Fennesz hokje. Zoals het hoort. Tien euro was ik dus kwijt en ik stopte het ding in de cd-speler van mijn auto. What the hell! Ruis, kraak, meer ruis en nog wat kraak. Jezus, ik voelde me belazerd en wist niet goed wat ik met het schijfje aan moest. Toch had ik er wel eens over gelezen, over Fennesz. Maar dit had ik niet verwacht. Volhouder die ik ben draaide ik het album nog eens een paar keer, het verdween in mijn cd-rek en na een tijdje kwam ik er weer bij terug. Zoals het gaat bij alle goede albums die je niet meteen kunt vatten; je komt er vanzelf bij terug. Punt is dat je niet altijd af kunt gaan op een eerste oordeel, doe je dat wel dan mis je een hoop.
Noise is de jazz van deze generatie. Can liet jazz doorsijpelen in hun bevreemdende rockmuziek. Black Dice geeft ruim baan aan indrukwekkende noisesculpturen. Door velen onbegrepen maar in de toekomst opererend. Dan kun je ook niet meteen begrepen worden, het begrip komt vaak pas achteraf. Het is geen verwijt aan niet-Black Dice-liefhebbers, smaken verschillen nu eenmaal, maar een constatering die ook van toepassing is op Can nu. De invloed die Can heeft terwijl ze zich helemaal losrukten van bestaande muziekwetten, die invloed heeft Black Dice misschien over dertig jaar ook wel. De band is nog zoekende, Beaches & Canyons was een bescheiden meesterwerkje. Op het dit jaar verschenen Creature Comforts komen ze misschien nog wel het dichtst bij Can in de buurt maar Black Dice is zich duidelijk nog aan het ontwikkelen. Vast staat dat ze zich niks aantrekken van trends, regels of muziekwetten en dat is op de lange duur misschien wel wat ervoor zorgt dat je niet wordt opgeslokt door de golvende hypebeweging.

0 Comments:
Een reactie posten
<< Home