Lijstenbrij 2004: Albums 25 t/m 21
25. Bardo Pond + Tom Carter - 4/23/03
Improviseren is net als freestylen een kunst op zich. Een moment waarop talent zich onderscheidt van de massa. Het zijn momenten waarop je je techniek kunt verbeteren en perfectioneren denk ik zo, als niet-muzikant. Bardo Pond en Tom Carter doen het op 23 april 2003 en het eindresultaat is zo sterk dat ze besluiten het gedenkwaardige moment op plaat uit te brengen. 4/23/03 bestaat uit langgerekte draden van hypnotiserende gitaarklanken, sporadisch bijgestaan door het engelachtige stemgeluid van Bardo Ponds Isobel Sollenberger. Een complex web van spaced out tonen die eerder doen denken aan Charalambides dan aan Bardo Pond. Ik weet nog goed dat ik in een ver en duister verleden na een avondje stevige marihuanadampen geïnhaleerd te hebben in mijn bed lag en er door mijn hoofd onregelmatige geluiden en kleuren uitgerekte patronen vormden waar ik me minutenlang op kon focussen. 4/23/03 is de soundtrack bij dat gevoel. Een oneindige spiraal die via een aardse brug de ruimte in trekt en langzaam maar zeker afstand neemt van al wat aards is. Toch maar weer eens opsteken, zo’n duchtige fakkel.
24. Xiu Xiu - Fabulous Muscles
Mijn relatie met Xiu Xiu is er een van geven en nemen. Steeds als ik ze toenader dan stuit ik op de venijnige stekels. Stewarts intense vocalen raken me diep en spreken mijn meest zwartgallige emoties aan. Het is een vorm van sadomasochisme, met onzekerheid in je ogen kruip je steeds een stukje dichterbij en hoop je op genade terwijl je weet dat je geen genade zult krijgen, nooit of te nimmer. Xiu Xiu's debuut stak me regelmatig tussen mijn ruggewervels, zo hard en meedogenloos dat ik er niet meer naar kan luisteren. A Promise behandelde me een stuk beter maar pas tijdens Fabulous Muscles kan ik soms zelfs rustig in zijn schoot mijn ogen sluiten. Het titelnummer is zelfs een mooi slaapliedje, Stewarts zang troostend, als je niet naar de teksten luistert dan ligt er misschien zelfs een mooie droom in het verschiet. Maar ondanks dat Fabulous Muscles hun meest toegankelijke plaat is (er wordt zelfs gesproken van hun meest poppy album. Je wilt niet weten wat hier aan vooraf ging, brr), wordt je ook tijdens dit album gegrepen door puntige postpunkgitaren en behekste speeldooseffecten. Rust zit er niet in want net als je door 'Fabulous Muscles' in slaap bent gesust duikt het beest 'Brian The Vampire' op. Een met gruwelijke effecten beladen, megadramatisch staaltje horror-postpunk. En dan te denken dat Stewart zo'n enorme Smiths fan is. Een sterk punt van Fabulous Muscles is de variatie aan instrumenten (trombone, synths, tientallen effecten, gitaar, drums, bas, harmonium) en sfeer (van extreem angstaanjagend, schizofreen naar schijnheilig sussend en zelfs humorvol). De vlijmscherpe speerpunt van het album is 'I Luv The Valley (Oh)' een uitbundig avant-postpunk-anthem met een pakkende synth- en gitaarhook die Xiu Xiu's bekraste ziel een ietsiepietse glans geeft. Net als zijn grote helden, The Smiths, is Stewart van plan om één album per jaar te gaan uitbrengen. Ik wacht met knikkende knieën af.
23. Wolf Eyes - Burned Mind
Eigenlijk is het zonde om de muziek van Wolf Eyes zo gevangen te zien zitten in een plastic jewelcase. Vooral als gezien hebt hoe in-fokkin-tens hun liveshows zijn. Wolf Eyes in een jewelcase verstoppen is hetzelfde als een leger talibanstrijders op koopavond opsluiten in een speelgoedwinkel in hartje New York, in de week voor kerst. Om met de woorden van Theo Maassen te spreken: "Det guh nie!" Dus laat je het beest los onder de laser en krijg je de hele santekraam genadeloos voor je kiezen. Wolf Eyes doet niet aan concessies, ze tekenden voor Burned Mind bij Subpop maar als je denkt dat hier ook maar een hintje Postal Service of Shins te horen is dan heb je het danig mis. Ik begon in 2002 al aarzelend aan Wolf Eyes te ruiken toen ze Slicer dropten. Een geweldig stukje industriële noisedub, ik opende toen mijn porieën om het Wolf Eyes virus langzaam binnen te laten dringen. Na die liveshow eerder dit jaar kreeg dat virus me weer te pakken en sindsdien heeft het mijn lichaam stevig in zijn greep. Maar wees gerust; als je niet van noise houdt dan zal je immuunsysteem de Wolf Eyes bacterie nimmer toelaten. Maar om nu te zeggen dat ik zo'n noise fetishist ben gaat ook te ver. Het is echter de manier waarop Wolf Eyes voldoende ruimte laat in het geweld dat dit makkelijker te behappen is dan de meest toegankelijke Merzbowplaat. Het is doorbijten maar als 'Dead In A Boat' de eerste anderhalve minuut van Burned Mind volmaakt en 'Stabbed In The Face' daar nog drieëneenhalve minuut furieuze mindfuck-noise aan vast rijgt dan raak je in een berustende trance. Dat is het moment dat Burned Mind echt tot je komt, je aan je oren vastpakt en niet meer loslaat, pijn is fijn, zoek je grenzen, het genot is onbetaalbaar.
22. Zeena Parkins & Ikue Mori - Phantom Orchard
Even een Jochem van Gelder moment hoor. Praatjesmakers, daar keek ik vanmorgen in bed even naar. Wat een geweldig programma is dat, de manier waarop Van Gelder de kinderen uitdaagt en zich niet schaamt om voor aap te worden gezet is fenomenaal. De kinderen lijken zich bij hem in de buurt erg zeker en helemaal niet verlegen te voelen zodat ze er alles zomaar uitfloepen. Machtig fascinerend vind ik dat. Phantom Orchard doet me denken aan zo’n kindergeest. Speels, altijd ondeugend, een beetje naïef en dat alles voorzien van een laagje brutaliteit. De borrelende soundscapes van Mori en het ondeugend harpspel van Parkins zijn muzikale vertalingen van de droomwereld van een kind. En als ik naar mezelf kijk heb ik net zoveel ondeugende en speelse gedachten als serieuze en ernstige, dat maakt lachen mogelijk, dat zorgt voor energie. Het doet leven.
21. SunnO))) - White2
Ik wil graag weten waarom dit album White2 heet. Die 2 begrijp ik, White2 is namelijk het vervolg op White1. Het zijn de kliekjes van dat onaardse dronemonster. Maar waarom white, wit, en niet black, zwart? O’Malley is een groot blackmetal liefhebber. Dit is geen witte plaat, deze plaat spelt g-i-t-z-w-a-r-t. Het is ook geen plaat die je na één, twee of drie keer luisteren kunt beoordelen. White2 moet je tot je nemen, liefst met het volume helemaal open in laten zinken. Je laten meevoeren door de diepe subbassen van ‘Hell - O)))-Ween’, repeterende gitaardrones die zich nestelen in je hoofd en verslavend werken. White2 is een trip met verschillende stadia en verschillende gevoelens. De horror van ‘bassAliens’ is op een gewone stereo nauwelijks te voelen, heb ik me laten vertellen. De diepe subbassen zijn nauwelijks te horen en komen schijnbaar best tot hun recht op de fokt op Sunn amps die de heren meenemen op tournee. En ze komen weer deze kant op volgend jaar dus dat zullen we vast en zeker gaan ervaren. De structuur van White2 is makkelijker verteerbaar dan de dichte drab die White1 is maar het effect is net zo ziekmakend en beangstigend. De dag dat ik de meesterlijke ambient deathscape, ‘DECAY2 (Nihil’s Maw)’, voor het eerst hoorde was de dag dat ik zeker wist dat er geen God bestaat. Een gapend monster dat ijskoude lucht uitblaast die je haren te berge doen rijzen. Een schelle krijs uit het diepst van een aards hellehol confronteert je met zeer onvriendelijke bedoelingen van uw gastheer. Teruggaan is nu al geen optie meer, de diepe keelzang van Attila Csihar draagt je naar een pikzwarte put en sopt je mooie hoofdje vijfentwintig minuten lang in dikke teer. Waar is die God nu dan?
25. Bardo Pond + Tom Carter - 4/23/03
Improviseren is net als freestylen een kunst op zich. Een moment waarop talent zich onderscheidt van de massa. Het zijn momenten waarop je je techniek kunt verbeteren en perfectioneren denk ik zo, als niet-muzikant. Bardo Pond en Tom Carter doen het op 23 april 2003 en het eindresultaat is zo sterk dat ze besluiten het gedenkwaardige moment op plaat uit te brengen. 4/23/03 bestaat uit langgerekte draden van hypnotiserende gitaarklanken, sporadisch bijgestaan door het engelachtige stemgeluid van Bardo Ponds Isobel Sollenberger. Een complex web van spaced out tonen die eerder doen denken aan Charalambides dan aan Bardo Pond. Ik weet nog goed dat ik in een ver en duister verleden na een avondje stevige marihuanadampen geïnhaleerd te hebben in mijn bed lag en er door mijn hoofd onregelmatige geluiden en kleuren uitgerekte patronen vormden waar ik me minutenlang op kon focussen. 4/23/03 is de soundtrack bij dat gevoel. Een oneindige spiraal die via een aardse brug de ruimte in trekt en langzaam maar zeker afstand neemt van al wat aards is. Toch maar weer eens opsteken, zo’n duchtige fakkel.
24. Xiu Xiu - Fabulous Muscles
Mijn relatie met Xiu Xiu is er een van geven en nemen. Steeds als ik ze toenader dan stuit ik op de venijnige stekels. Stewarts intense vocalen raken me diep en spreken mijn meest zwartgallige emoties aan. Het is een vorm van sadomasochisme, met onzekerheid in je ogen kruip je steeds een stukje dichterbij en hoop je op genade terwijl je weet dat je geen genade zult krijgen, nooit of te nimmer. Xiu Xiu's debuut stak me regelmatig tussen mijn ruggewervels, zo hard en meedogenloos dat ik er niet meer naar kan luisteren. A Promise behandelde me een stuk beter maar pas tijdens Fabulous Muscles kan ik soms zelfs rustig in zijn schoot mijn ogen sluiten. Het titelnummer is zelfs een mooi slaapliedje, Stewarts zang troostend, als je niet naar de teksten luistert dan ligt er misschien zelfs een mooie droom in het verschiet. Maar ondanks dat Fabulous Muscles hun meest toegankelijke plaat is (er wordt zelfs gesproken van hun meest poppy album. Je wilt niet weten wat hier aan vooraf ging, brr), wordt je ook tijdens dit album gegrepen door puntige postpunkgitaren en behekste speeldooseffecten. Rust zit er niet in want net als je door 'Fabulous Muscles' in slaap bent gesust duikt het beest 'Brian The Vampire' op. Een met gruwelijke effecten beladen, megadramatisch staaltje horror-postpunk. En dan te denken dat Stewart zo'n enorme Smiths fan is. Een sterk punt van Fabulous Muscles is de variatie aan instrumenten (trombone, synths, tientallen effecten, gitaar, drums, bas, harmonium) en sfeer (van extreem angstaanjagend, schizofreen naar schijnheilig sussend en zelfs humorvol). De vlijmscherpe speerpunt van het album is 'I Luv The Valley (Oh)' een uitbundig avant-postpunk-anthem met een pakkende synth- en gitaarhook die Xiu Xiu's bekraste ziel een ietsiepietse glans geeft. Net als zijn grote helden, The Smiths, is Stewart van plan om één album per jaar te gaan uitbrengen. Ik wacht met knikkende knieën af.
23. Wolf Eyes - Burned Mind
Eigenlijk is het zonde om de muziek van Wolf Eyes zo gevangen te zien zitten in een plastic jewelcase. Vooral als gezien hebt hoe in-fokkin-tens hun liveshows zijn. Wolf Eyes in een jewelcase verstoppen is hetzelfde als een leger talibanstrijders op koopavond opsluiten in een speelgoedwinkel in hartje New York, in de week voor kerst. Om met de woorden van Theo Maassen te spreken: "Det guh nie!" Dus laat je het beest los onder de laser en krijg je de hele santekraam genadeloos voor je kiezen. Wolf Eyes doet niet aan concessies, ze tekenden voor Burned Mind bij Subpop maar als je denkt dat hier ook maar een hintje Postal Service of Shins te horen is dan heb je het danig mis. Ik begon in 2002 al aarzelend aan Wolf Eyes te ruiken toen ze Slicer dropten. Een geweldig stukje industriële noisedub, ik opende toen mijn porieën om het Wolf Eyes virus langzaam binnen te laten dringen. Na die liveshow eerder dit jaar kreeg dat virus me weer te pakken en sindsdien heeft het mijn lichaam stevig in zijn greep. Maar wees gerust; als je niet van noise houdt dan zal je immuunsysteem de Wolf Eyes bacterie nimmer toelaten. Maar om nu te zeggen dat ik zo'n noise fetishist ben gaat ook te ver. Het is echter de manier waarop Wolf Eyes voldoende ruimte laat in het geweld dat dit makkelijker te behappen is dan de meest toegankelijke Merzbowplaat. Het is doorbijten maar als 'Dead In A Boat' de eerste anderhalve minuut van Burned Mind volmaakt en 'Stabbed In The Face' daar nog drieëneenhalve minuut furieuze mindfuck-noise aan vast rijgt dan raak je in een berustende trance. Dat is het moment dat Burned Mind echt tot je komt, je aan je oren vastpakt en niet meer loslaat, pijn is fijn, zoek je grenzen, het genot is onbetaalbaar.
22. Zeena Parkins & Ikue Mori - Phantom Orchard
Even een Jochem van Gelder moment hoor. Praatjesmakers, daar keek ik vanmorgen in bed even naar. Wat een geweldig programma is dat, de manier waarop Van Gelder de kinderen uitdaagt en zich niet schaamt om voor aap te worden gezet is fenomenaal. De kinderen lijken zich bij hem in de buurt erg zeker en helemaal niet verlegen te voelen zodat ze er alles zomaar uitfloepen. Machtig fascinerend vind ik dat. Phantom Orchard doet me denken aan zo’n kindergeest. Speels, altijd ondeugend, een beetje naïef en dat alles voorzien van een laagje brutaliteit. De borrelende soundscapes van Mori en het ondeugend harpspel van Parkins zijn muzikale vertalingen van de droomwereld van een kind. En als ik naar mezelf kijk heb ik net zoveel ondeugende en speelse gedachten als serieuze en ernstige, dat maakt lachen mogelijk, dat zorgt voor energie. Het doet leven.
21. SunnO))) - White2
Ik wil graag weten waarom dit album White2 heet. Die 2 begrijp ik, White2 is namelijk het vervolg op White1. Het zijn de kliekjes van dat onaardse dronemonster. Maar waarom white, wit, en niet black, zwart? O’Malley is een groot blackmetal liefhebber. Dit is geen witte plaat, deze plaat spelt g-i-t-z-w-a-r-t. Het is ook geen plaat die je na één, twee of drie keer luisteren kunt beoordelen. White2 moet je tot je nemen, liefst met het volume helemaal open in laten zinken. Je laten meevoeren door de diepe subbassen van ‘Hell - O)))-Ween’, repeterende gitaardrones die zich nestelen in je hoofd en verslavend werken. White2 is een trip met verschillende stadia en verschillende gevoelens. De horror van ‘bassAliens’ is op een gewone stereo nauwelijks te voelen, heb ik me laten vertellen. De diepe subbassen zijn nauwelijks te horen en komen schijnbaar best tot hun recht op de fokt op Sunn amps die de heren meenemen op tournee. En ze komen weer deze kant op volgend jaar dus dat zullen we vast en zeker gaan ervaren. De structuur van White2 is makkelijker verteerbaar dan de dichte drab die White1 is maar het effect is net zo ziekmakend en beangstigend. De dag dat ik de meesterlijke ambient deathscape, ‘DECAY2 (Nihil’s Maw)’, voor het eerst hoorde was de dag dat ik zeker wist dat er geen God bestaat. Een gapend monster dat ijskoude lucht uitblaast die je haren te berge doen rijzen. Een schelle krijs uit het diepst van een aards hellehol confronteert je met zeer onvriendelijke bedoelingen van uw gastheer. Teruggaan is nu al geen optie meer, de diepe keelzang van Attila Csihar draagt je naar een pikzwarte put en sopt je mooie hoofdje vijfentwintig minuten lang in dikke teer. Waar is die God nu dan?

2 Comments:
op nummer 25 had jij volgens je eigen lijst al devendra banhart - nino rojo staan, toch?
in ieder geval, improviseren gaat niet om techniek, maar om het samenspel en geheel wat daar uit voortkomt. daar kun je zoveel of zo weinig techniek bij gebruiken als je wilt. het is weer wel zo dat improviseren makkelijker gaat als je muzikale techniek verder ontwikkeld is, maar het gevaar tot notenpielerij is dan ook weer groter.
haha oh man...got me
het moest een top24 worden, top 2(00)4 :((
dank voor je uitleg over improviseren, jij bent de expert natuurlijk ;) maar zoals je zegt oefening baart kunst
Een reactie posten
<< Home